chevron-down chevron-left chevron-right chevron-up home circle comment double-caret-left double-caret-right like like2 twitter epale-arrow-up text-bubble cloud stop caret-down caret-up caret-left caret-right file-text

EPALE - Elektronisch platform voor volwasseneneducatie in Europa

Nieuws

Branchekwalificatiestructuur voor omgevingsdiensten

21/04/2020
door NSS EPALE Nederland
Taal: NL

Achtergrond

Omgevingsdiensten zorgen, in opdracht van gemeenten en provincies, voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) op het gebied van milieu. De Rijksoverheid, het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten hebben bij de oprichting van de omgevingsdiensten een lijst van (minimale) taken opgesteld die omgevingsdiensten uitvoeren, het zogenaamde Basistakenpakket (BTP). Sommige omgevingsdiensten voeren extra taken uit, zoals bouw- en woningtoezicht of advisering over bijvoorbeeld energie of natuur.

De omgevingsdiensten dienen voor al deze activiteiten deskundigheid in huis of beschikbaar te hebben. Om te weten wat deskundigheid en een goede taakinvulling is, zijn kwaliteitscriteria ontwikkeld en vastgesteld waaraan vergunningverlening, toezicht en handhaving in het Omgevingsrecht moeten voldoen. Aan deze deskundigheidsgebieden zijn ook minimale opleidingseisen gekoppeld. Deze kwaliteitscriteria zijn echter vrij abstract omschreven. En de omgevingsdiensten stonden voor allerlei uitdagingen, waardoor aanscherping van HR- en opleidingsbeleid van de omgevingsdiensten wenselijk was.

Omgevingsdiensten hadden onder andere te maken met problemen om kwalitatief goed nieuw personeel te vinden, vergrijzing van zittend personeel, een grote diversiteit in de vakuitoefening (zo bleek uit onderzoek) en een gat tussen ervaring en erkenning voor veel zittend personeel.

Externe factoren die een rol speelden, zijn de invoering van een nieuwe omgevingswet (per 2021) en de grote hoeveelheid aanbieders van trainingen en cursussen (veelal aanbodgericht). Het grote scala in het aanbod van opleidingen en cursussen maakte het ondoenlijk, zo niet onmogelijk, te bepalen welke opleiding aansluit op het niveau en de inhoud die de kwaliteitscriteria daaraan stelt. Deze problematiek is dienst- en gemeente-overschrijdend. De branche wil de inhoud en het niveau van opleidingen beter kunnen bepalen.

 

Waarom een BKS?

Om als omgevingsdiensten gezamenlijk meer sturing en structuur te geven aan deze  opleidingsvraagstukken wilden zij verkennen óf en hoe een branchekwalificatiestructuur (BKS) kan bijdragen aan de verdere professionalisering en versterking van de branche.

Voor de omgevingsdiensten is een BKS een door de branche gevalideerde standaard waarin de vertaalslag is gemaakt tussen deskundigheidsgebieden, functies binnen omgevingsdiensten en relevante opleidingen. Met een dergelijke gevalideerde standaard kunnen opleidingseenheden worden geformuleerd en op uniforme wijze worden vastgesteld. De branche komt daarmee zelf aan zet met het stellen van eisen aan het vak en de daarbij behorende kwalificaties, omdat zij zelf als geen ander de risico's en eisen van het werk kent. Bovendien draagt het eraan bij om opleidingsvraagstukken slimmer te organiseren en kennis/expertise te delen én om deze aantoonbaar te maken.

 

Aanpak

  • Begin klein en afgebakend
    Een BKS realiseren voor het volledige domein van de omgevingsdiensten vraagt een grote en meerjarige investering. Om de inhoud en werking van de BKS te concretiseren werd een pilot gestart voor een afgebakend deel. Deze pilot geeft weliswaar nog geen volledig uitgekristalliseerd beeld van de positie en consequenties van een BKS, maar helpt een doorkijkje te geven naar hoe zo'n standaard eruit kan komen te zien en hoe dit kan bijdragen aan scholings-, en loopbaanbeleid in de branche. De pilot richtte zich op de ontwikkeling van een BKS voor 4 van de 26 (later 27) deskundigheidsgebieden. Dit zijn 4 deskundigheidsgebieden die vallen binnen het Basistakenpakket: Vergunningverlening Milieu, Toezicht en handhaving milieu, Toezicht en handhaving bodem en Toezicht en handhaving groene wetgeving.
  • Bedenk een structuur die invulling geeft aan de behoefte
    In de kwaliteitscriteria zijn zowel uit te voeren activiteiten als verplichte opleidingen beschreven. Echter hoe deze activiteiten en opleidingen vorm moeten krijgen, is niet geconcretiseerd. De omgevingsdiensten hadden behoefte aan het verhelderen van eisen rond taken en activiteiten die kunnen horen bij meerdere functies of deskundigheidsgebieden en richting geven aan opleiders over wat er in verplichte opleidingen zou moeten zitten. De branchekwalificatiestructuur is opgebouwd aan de hand van de deskundigheidsgebieden en uitgewerkt in twee soorten eenheden:
    - A-eenheden, concretisering van de activiteiten vanuit het betreffende deskundigheidsgebied, in benodigde kennis, vaardigheden en competenties. Verder zijn deze eenheden uitgewerkt naar concrete ‘leeruitkomsten’ en daarbij behorend zichtbaar gedrag (prestatie-indicatoren). Deze      uitwerking vervangt nadrukkelijk de kwaliteitscriteria NIET, maar is vooral verhelderend bedoeld en maakt deze meetbaar.
    VeVo-eenheden (VeVo staat voor verplichte vormingseisen), concretisering van verplichte opleidingen in termen van kennis en vaardigheden. Deze worden voor opleidingsaanbieders sturend als het gaat om de minimale inhoud van een dergelijke opleiding.
  • Formuleren branchekwalificaties
    Nadat de structuur is bedacht, is door de omgevingsdiensten – met hulp van een onderwijskundig bureau – invulling gegeven aan deze eenheden. Vertegenwoordigers van de omgevingsdiensten, die deskundig zijn op de betreffende deskundigheidsgebieden, zijn uitgevraagd over hun dagelijkse werkzaamheden, om de A-eenheden uit te werken. Wat houdt bijvoorbeeld het werk van een vergunningverlener milieu in, welke beroepshouding heb je daarvoor nodig en welke complexiteit kom je in het werk tegen? Daarna zijn benodigde kennis, vaardigheden, verantwoordelijkheid en zelfstandigheid in beeld gebracht. Vervolgens is iedere activiteit, beschreven in de kwaliteitscriteria, geconcretiseerd in zichtbaar gedrag.

    Voor de verplichte vormingseisen (VeVo-eenheden) is inhoud van verschillende aanbieders naast elkaar gezet om de gemeenschappelijke deler eruit te halen. Hierover is ook met de vertegenwoordigers van de omgevingsdiensten gesproken. Wat heb je nodig om je werk goed te kunnen doen? Welke kennis en vaardigheden horen daarbij? Er is daarbij kritisch gekeken naar een goede afbakening: wat is belangrijk, maar ook wat voert te ver?
     
  • Fase van uitproberen
    Met betrekking tot de implementatie van de BKS staan de omgevingsdiensten nog redelijk aan het begin. Voor de 4 deskundigheidsgebieden zijn de branchekwalificaties (A-eenheden en VeVo-eenheden) uitgewerkt. Er is voor gekozen om te starten met de VeVo-eenheden voor wat betreft proefdraaien. Er is bij de omgevingsdiensten in beeld gebracht van welke aanbieders zij gebruik maken voor de verplichte opleidingen. Met deze opleiders wordt het gesprek gevoerd over de eenheden. Er moet nu een manier worden bedacht om te toetsen of ze met hun opleiding voldoende invulling geven aan de branchekwalificatie, en daarmee aan de kwaliteitscriteria. Om hier regie op te voeren is de ODNL Academie in de lucht gebracht. Medewerkers van omgevingsdiensten, kunnen bij de Academie terecht met hun opleidingsvragen.

    Voor wat betreft de verduidelijking van de activiteiten in de kwaliteitscriteria, zijn de A-eenheden breed onder de aandacht gebracht bij de HR-afdelingen van de omgevingsdiensten. Deze documenten kunnen namelijk behulpzaam zijn bij het in- en doorstroombeleid van de diensten.  

 

Next steps

Omgevingsdiensten zullen op basis van deze ervaringen verder invulling geven aan de implementatie van hun branchekwalificatiestructuur. Er moet onder meer nog nagedacht worden over een organisatie- en onderhoudsmodel en financiering.  

 

Meer weten over de BKS voor omgevingsdiensten? Neem contact op met Mark Pepping, projectleider Arbeidsmarkt en Deskundigheid ODNL. T: (06) 50539899 E: mpepping@odbn.nl

 

 

Wat houdt een Branchekwalificatistructuur in? Lees het in het artikel Branchekwalificatiestructuur als loopbaanrouteplanner na het behalen van schooldiploma 

 

Share on Facebook Share on Twitter Epale SoundCloud Share on LinkedIn Share on email