chevron-down chevron-left chevron-right chevron-up home circle comment double-caret-left double-caret-right like like2 twitter epale-arrow-up text-bubble cloud stop caret-down caret-up caret-left caret-right file-text

EPALE

Elektronisch platform voor volwasseneneducatie in Europa

 
 

Blogs

Train je hersenen, want makkelijk betekent niet altijd effectief – interview met Krystyna Gadd

20/12/2018
door NSS EPALE Nederland
Taal: NL
Document available also in: PL EN

Blog door Marta Machalska

 

/nl/file/naglowekenmichalskapng-0naglowek_en_michalska.png

 

Marta Machalska interviewt Krystyna Gadd tijdens de internationale conferentie E-Learning Fusion 2018.

 

KRYSTYNA GADD Coach die de Learning Loop-methode benut en expert in versneld leren

 

/nl/file/krystynagaddjpgkrystyna_gadd.jpg

Krystyna is een expert op het gebied van versneld leren en de toepassing daarvan bij prestatieverbetering. Aan de hand van programma’s voor gemengd leren werken zij en haar partners met teams, onder andere op het gebied van Leren & Ontwikkeling, om de manier te verbeteren waarop mensen werken. Zij maakt gebruik van recent onderzoek om ervoor te zorgen dat organisaties de goede kant op gaan en dat leeractiviteiten altijd de moeite waard zijn.

 

Marta Machalska: Wat is versneld leren?

KG: Ik zie het graag als gebundelde kennis. Een groot aantal universiteiten, psychologen en docenten heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van deze aanpak. De principes maken duidelijk hoe je moet leren en denken om kennis en vaardigheden op een duurzame, zo doeltreffend mogelijke manier te verwerven. Daarnaast is het gewoon een boeiend intellectueel avontuur. Versneld leren vormt een antwoord op de huidige dynamische en constant veranderende wereld van werk. Het kan de voorbereidingstijd voor de trainer met 30% verminderen en kan het onthouden van kennis met 300% verhogen. Daarbij heeft het voordelen voor beide partijen: de lerende onthoudt meer en is tegelijk meer betrokken. Het is ook gunstig voor de organisatie, omdat het gericht is op werkelijke behoeften, dus de organisatie verspilt geen geld aan leeractiviteiten die zij niet echt nodig heeft.

 

MM: Op de conferentie E-Learning Fusion 2018 had je het over de vijf bestanddelen van versneld leren. Kun je daar iets meer over vertellen?

KG: Ik noem ze liever de vijf geheimen van versneld leren. Het eerste geheim is dat je je richt op de werkelijke zakelijke behoeften van de organisatie en de behoeften van lerenden. Dit is het belangrijkste van de vijf geheimen. Zelfs als je alle fantastische methoden van versneld leren toepast, heeft het geen enkel nut als je daarmee geen reële problemen in het bedrijf oplost en mensen geen dingen leren die werkelijk waarde voor hen hebben.

Het volgende bestanddeel is de “facilitator”, met andere woorden de persoon die anderen helpt met leren. Ik gebruik bewust niet de term “trainer”, omdat de rol van de facilitator is om mensen te inspireren bij het leren en hen bij dat proces te begeleiden, in plaats van hen te “trainen”. Als facilitator moet ik weten hoe de hersenen werken en dit op een praktische manier toepassen.

Het derde element is de lerende. Je hebt mensen in alle soorten en maten, waardoor het essentieel is om verschillende leermethoden te gebruiken. Het vierde element is de leeromgeving. Die moet om te beginnen veilig alsook inspirerend zijn. De omgeving heeft op haar beurt drie aspecten: het lichamelijke, het emotionele en het sociale aspect. Een facilitator moet aandacht schenken aan alle drie deze aspecten. Ten slotte zijn er de hersenen. Om anderen te helpen met leren, moeten we weten hoe de hersenen in de praktijk werken, opdat we het leerproces zo kunnen vormgeven dat het duurzame effecten heeft.

 

MM: Waarom begon je versneld leren te gebruiken?

KG: Ik werkte aanvankelijk als ICT-opleider. In het begin was ik ervan overtuigd dat mensen sneller zouden leren als ik ze nauwkeurig de inhoud uitlegde en hen stap voor stap vertelde wat ze moesten doen. Na verloop van tijd leerde ik dat mensen beter leren als ze meer betrokken zijn bij het leerproces. Daarom ging ik meer faciliteren.

Ik raakte geïnteresseerd in leer- en studietheorieën, waarbij ik versneld leren ontdekte. Zo las ik over het werk van Elliott Maisie, die constateerde dat het onthouden van informatie hiermee met 300% kon worden verbeterd ten opzichte van traditionele methoden. Ik vond dat zeer boeiend. Toen ik later voor de multinational Atos werkte, wilde de L&O-manager de voorbereidingstijd van de trainers terugbrengen. Door de principes van versneld leren te benutten, wisten ze de voorbereidingstijd met 30% te verminderen.

 

MM: Wat waren jouw eerste ervaringen met versneld leren?

KG: Het is moeilijk om er één aspect uit te lichten. Ik heb verschillende methoden geprobeerd en soms werkte er iets. Dan koos ik voor een bepaalde aanpak en keek wat er gebeurde. Als ik bijvoorbeeld het leerproces ervaringsgerichter wilde maken, liet ik de deelnemers zelf door middel van een activiteit uitvinden hoe iets werkte. Deden ze het langzamer of anders dan ik wilde, dan greep ik in en legde het uit. Later leerde ik dat ik moest vermijden om hen overmatig te onderbreken. Door mensen de gelegenheid te geven iets zelf te leren, ook al kost het wat moeite, onthouden ze het beter. Zo komen er meer emoties bij los. Je hebt je eigen herinnering aan die kleine mislukkingen, maar ook aan het uiteindelijke succes, doordat je begreep waar het om ging, het voor elkaar kreeg en daar de bevrediging van had.

Mijn eerste pogingen waren een beetje vallen en opstaan. Als ik iemand een advies moest geven, zou ik zeggen: introduceer één ding tegelijk, en als het voor een bepaalde groep niet werkt, pas het dan aan en probeer het nog een keer. Geef niet gelijk op. Durf het aan om bepaalde dingen nog een keer te doen, misschien net even anders.

Door dit proces ben ik heel open geworden voor feedback en ook zeer ontvankelijk voor wat deelnemers op bepaalde momenten ervaren. Ik heb geleerd hoe ik de leermethode moet aanpassen aan de groep, het individu en de omstandigheden.

 

MM: Wat is het belangrijkste bij leren?

KG: Dat heb ik altijd zelf al willen weten. Ik heb er veel over gelezen en vond uiteindelijk dit interessante boek: “Make it stick. The Science of Successful Learning” van Peter C. Brown, Henry L. Roediger III en Mark A. McDaniel. Zij stellen dat het belangrijkste bij leren is dat je kennis een plaats geeft in het langetermijngeheugen. Stel, je leest dit interview en je leert nieuwe dingen. Stop dan even en test jezelf: wat heb je tot dusver geleerd? Dit is niet altijd makkelijk, maar het maakt dat je het beter onthoudt. Ga vervolgens verder en beschrijf het in je eigen woorden. Dat is veel effectiever dan het gewoon te herhalen. Door je eigen woorden te gebruiken, maak je het relevant voor jezelf en laat je je hersenen harder werken.

Als voorbeeld zal ik mezelf gebruiken. Ik spreek een beetje Pools. Op de conferentie wilde ik in het Pools beginnen. Ik had eerst op papier gezet wat ik wilde zeggen, maar uiteindelijk heb ik mijn aantekeningen niet gebruikt. In plaats daarvan viel ik terug op de woorden in mijn hoofd waarmee ik mijn aantekeningen probeerde te herinneren. Ik herinnerde me veel meer dan ik dacht.

De hersenen zijn heel goed in het verwerven van kennis, maar als het teveel is, proberen ze ervan af te komen. Ze gooien het gewoon weg. Als je wilt dat iets beklijft, moet het in het langetermijngeheugen worden opgenomen. Een van de manieren om dat te bereiken, is door het voor jezelf te herhalen en te oefenen.

 

MM: En hoe gebruik je de manier waarop de hersenen werken?

Er zijn een hoop dingen die je kunt doen. Laten we eens één manier bekijken. Er is een deel van de hersenen dat de basale ganglia heet. Die vervullen verschillende functies met betrekking tot de beheersing van bewegingen, cognitieve processen, gevoelens en leren. Ze zijn ook verantwoordelijk voor automatische reacties. Als je bijvoorbeeld iemand ziet die tegelijkertijd zit te praten en te breien, dan komt dat doordat het breien een automatische beweging is die wordt gecontroleerd door de basale ganglia. Datzelfde geldt voor alledaagse bezigheden zoals fietsen of autorijden. Als lerenden dus iets snel kunnen leren, en zo goed dat zij het automatisch kunnen, dan geeft dit hun niet alleen meer vertrouwen en vlotheid maar kunnen ze ook andere dingen sneller leren.

Ik zal je een voorbeeld geven. Stel, je doet een cursus Excel. De facilitator begint door je de basisfuncties te leren, de dingen die belangrijk zijn in Excel. Die oefen je een keer of twaalf totdat je ze onder de knie hebt. Als lerende geeft je dat vertrouwen, maar het maakt ook dat je je open stelt en klaar bent om nieuwe informatie op te nemen zonder meer tijd aan die functies te besteden. Ze worden een automatisme voor je. Je hoeft er niet meer over na te denken.

 

MM: Een van de aspecten van versneld leren is de omgeving. Kun je daar iets meer over vertellen?

KG: De omgeving heeft een grote invloed op het leerproces. De deelnemers moeten ontspannen zijn. Natuurlijk ook weer niet té ontspannen; ze moeten niet in slaap vallen.

Het is heel gebruikelijk om cursussen te beginnen door het ijs te breken. Nieuwe deelnemers stellen zich voor aan de groep. In plaats van dat ze naar anderen luisteren, zitten ze te denken wat ze moeten zeggen. Als ze dan iets gezegd hebben, vergelijken ze zichzelf met anderen en vragen zich af waarom zij het beter of minder deden dan anderen. Ze zijn er niet op gericht om mensen echt te leren kennen; het is een heel onnatuurlijke situatie.

Als je met kerst naar een feestje gaat waar je een neef tegenkomt die je al lang niet gezien hebt, en je weet dat je zijn gezin voor het eerst gaat leren kennen, is er dan iemand die de spontane conversatie en het geklets onderbreekt om te zeggen: Zullen we eerst even het ijs breken? Nee! Dat is nou een natuurlijke sfeer. In mijn trainingsruimte werkt dat hetzelfde. Ik hang kleurrijke posters op en creëer een leuke sfeer. Dan zeg ik: stel je maar aan elkaar voor als je daar zin in hebt. Zo ontstaan er spontane gesprekken. Dat is een natuurlijkere, socialere methode. In de trainingsruimte verwachten we daarentegen dat iemand het ijs breekt, maar waar gebeurt dat verder? Nergens! Het is beter om een natuurlijkere manier te zoeken om je aan elkaar voor te stellen.

 

MM: Je bent een boek aan het schrijven over hoe je kunt voorkomen dat er geld wordt verspillen aan opleidingen. Kun je ons een paar tips geven?

KG: Dit is de kern van het eerste geheim van versneld leren. Als je weet wat de organisatie echt wil, als je weet hoe je de effectiviteit van de deelnemers kunt verbeteren, dan verspil je geen geld. Soms komt er iemand naar me toe die zegt dat hij een specifieke cursus of workshop wil doen. Als ik dan goed luister, blijkt het echter dat ze eigenlijk iets anders willen.

Ik heb altijd al gedacht dat nieuwsgierigheid een uitstekende manier is om te achterhalen wat een klant echt wil. Nieuwsgierigheid leidt nooit tot confrontatie. Het laat zien dat je interesse hebt voor iemand, dat je om iemand geeft. Op die manier bouw je goede relaties en vertrouwen op. Als iemand naar me toe komt en me vertelt wat hij wil, dan luister ik aandachtig en begin vragen te stellen: Dat is erg interessant. Waarom wil je dat juist nu doen, of waarom met deze groep mensen? Is er iets gebeurd waardoor je daar nu behoefte aan hebt? Ik probeer een beeld van de context te krijgen. Soms zijn de resultaten verrassend. Een organisatie waar ik een paar jaar geleden voor werkte, bracht me een lijst met cursussen onder ogen. Ik begon onderzoek te doen. Het bleek dat ze van die hele lijst niet zoveel nodig hadden. Ik kon gewoon hun geld aanpakken en ze geven wat ze wilden. Liever geef ik mensen echter wat ze daadwerkelijk nodig hebben dan wat ze denken dat ze nodig hebben. Op die manier verspillen ze geen geld en zijn we allemaal tevreden.

 

/nl/file/stopkaenmichalskapng-0stopka_en_michalska.png

 

De smartphone: een essentieel modern leermiddel! - interview met Andy Lancaster (onvertaald)

 

Share on Facebook Share on Twitter Epale SoundCloud Share on LinkedIn