European Commission logo
Maak een account aan
Blog
Blog

Een nieuw schooljaar met een Oekraïens tintje

Oekraïense leerkrachten krijgen steun van Letse collega's bij het begeleiden van Oekraïense jongeren in deze woelige tijden.

1 september luidde het begin van het nieuwe schooljaar in, dit jaar voor het eerst ook voor 4.000 leerlingen uit Oekraïne. Samen met hun collega's uit Letland staan Oekraïense leerkrachten voor de klas, niet alleen om 'gewoon' les te geven, maar ook om hun jonge landgenoten te begeleiden in deze verwarrende en onzekere tijd en hen te helpen met taalproblemen.

Ukraina

Lets taalonderwijs voor Oekraïense vluchtelingen

 

De situatie is zonder meer complex. Na alles wat de kinderen in de oorlog al hebben meegemaakt, komen ze nu in een omgeving die totaal anders is. Het lesaanbod is anders dan wat ze gewend zijn en bovendien is de voertaal Lets, een taal die zij niet machtig zijn.

Van de 3,8 miljoen Oekraïense vluchtelingen die een tijdelijke verblijfsvergunning hebben aangevraagd in de Europese Unie, worden er nu meer dan 36.000, voornamelijk moeders met kinderen, opgevangen in Letland. De Oekraïense kinderen die bij de eerste vluchtelingenstroom in februari naar Letland kwamen, gingen daar ook meteen naar school. En eind mei telde het Letse onderwijssysteem al 4177 vluchtelingenkinderen uit Oekraïne. In mei werd in de wet vastgelegd dat minderjarige Oekraïense burgers in Letland onderwijs kunnen volgen in het Lets of kunnen deelnemen aan een onderwijsprogramma voor minderheden in de Oekraïense taal. Alle minderjarige Oekraïense burgers vanaf vier jaar hebben recht op onderwijs en de lessen mogen worden gevolgd in het Lets of in het Oekraïens.

Het is van groot belang dat nieuwkomers de taal eren, zodat zij hun weg kunnen vinden in de Letse samenleving, en kunnen gaan werken of studeren.

Momenteel wordt er in heel Letland taalonderwijs gegeven aan volwassen Oekraïense vluchtelingen. Allereerst moet hier het ambitieuze programma “Letse taalcursussen voor Oekraïense burgers” van het Fonds voor maatschappelijke integratie worden genoemd. Hiervoor is in de staatsbegroting 3 miljoen euro uitgetrokken en binnen dit kader organiseren verschillende organisaties voor niet-formeel onderwijs in alle regio's van het land basiscursussen Lets (niveau A1). Letse taalcursussen worden ook aangeboden door het nationale arbeidsbureau, gemeenten en andere instellingen.

Meteen met de komst van de eerste Oekraïense vluchtelingen nam het Latvian Language Agency (LLA) het initiatief voor Letse taalcursussen. Dr. Ērika Pičukāne, methodoloog bij het LLA:

“Dankzij de financiële steun van het ministerie van Cultuur konden we meteen van start gaan met drie studiegroepen voor Oekraïners. Het ministerie van Onderwijs en Wetenschappen (MES) heeft ons daarna gevraagd om vóór 1 september twee extra groepen te organiseren, speciaal voor Oekraïense leerkrachten. Veel leerkrachten uit Oekraïne zijn op onze scholen aan de slag gegaan als onderwijsassistent of bieden ondersteuning bij het begeleiden van Oekraïense kinderen. Een van de deelnemers van de taalgroep voor leerkrachten is bijvoorbeeld een vrouw die in Oekraïne als onderwijsassistent op een kleuterschool werkte.

Daarnaast geeft het LLA aan Letse leerkrachten, die les geven aan Oekraïense kinderen en/of volwassen, praktijklessen in de vorm van creatieve workshops.

Ook vermeldenswaard is de cursus “Feel safe in Latvia!” (Voel je veilig in Letland) die we met steun van het MES hebben ontwikkeld. Dit programma bestaat uit 20 lessen van een uur, waarin de cursisten kennismaken met de Letse taal en cultuur. Dit programma is te vinden op de website van het LLA. Ik heb de teksten geschreven, het ontwerp lag in handen van het LLA-team en mijn Oekraïense studenten en vertalers van het opvangcentrum “Safe House” hebben geholpen met het vertaalwerk. In dit programma komen de basisvaardigheden aan bod om te kunnen communiceren in winkels, OV en instellingen. Het programma is al in maart gelanceerd en inmiddels hebben acht groepen aan de cursus deelgenomen.”

Elke studiegroep bestaat gemiddeld uit 14-15 mensen en naar schatting hebben nu zo'n 100 Oekraïners, waaronder 30 leerkrachten, via deze cursussen, een basiskennis van de Letse taal. Maar de situatie is nog steeds niet veilig. “Ze zeggen allemaal: 'We gaan weer terug! Zo zijn er in maart veel vluchtelingen teruggegaan naar Oekraïne, maar zij kwamen na twee weken weer terug, omdat het daar niet veilig is of omdat zij nergens terecht konden”, zegt Pičukāne. “Alle cursisten met wie ik kennis heb gemaakt, zijn hier aan het werk. In de bouw, in de IT, in de catering, als onderwijsassistent of als vrijwilliger. Iedereen wil aan de slag. Na het werk zitten ze achter de computer om Lets te leren. Iedereen is gemotiveerd en ze pikken de taal snel op.”

De cursussen worden op afstand gegeven, omdat de cursisten verspreid zijn over heel Letland. Daarnaast heeft ook niet iedereen de mogelijkheid om na het werk nog op een vaste tijd naar een onderwijsinstelling te gaan. Maar Pičukāne is tevreden over de resultaten. “Sommige deelnemers geven hun eigen creatieve invulling aan de cursus. Een van onze deelnemers volgde de lessen vanaf een luchthaven in Polen. We hebben nu ook iemand die vanwege zijn werk het begin van de les altijd moet missen. Zijn vrouw zit wel al om half zes achter de computer en noteert alles wat er in het eerste half uur aan bod komt. Als haar man om zes uur thuiskomt, kan hij zo instromen. Een van onze cursisten werkt als nanny. Alles wat zij in de les leert, vertelt ze aan haar oppaskinderen, zodat zij met hen het spreken kan oefenen.

Het doel is om beter Lets te leren spreken en schrijven

Natālija Babenko kwam op 7 maart vanuit Odessa naar Letland. Samen met haar zoon en haar jongste dochters van negen en zeven. “Mijn man werkte hier al vóór de oorlog, dus we zijn naar hem toe gegaan. Aangezien ik leerkracht ben voor de onderbouw van de basisschool, leek het me een goed idee om op een Letse school Oekraïense kinderen te begeleiden. En aldus geschiedde. Ik werd aangenomen als onderwijsassistent op een tweetalige school in Riga, waar ik tot het eind van het schooljaar heb gewerkt. Ik hielp zowel leerkrachten als ouders. Er zaten ongeveer veertig Oekraïense kinderen op school - van verschillende leeftijden en in verschillende klassen, maar het aantal varieerde. We probeerden in kaart te brengen hoeveel Oekraïense kinderen er met het nieuwe schooljaar op 1 september van start zouden gaan, maar dat was onmogelijk. Iedereen wil naar huis, terug naar Oekraïne, maar we kunnen nog niet allemaal terug. Wij gaan nog niet weg, omdat de situatie in Oekraïne nog niet veilig is. “In mei ben ik begonnen met het leren van Lets en heb ik, samen met andere leerkrachten uit Oekraïne, de hele zomer daar hard aan gewerkt.

Alhoewel haar dochters onderwijs op afstand konden volgen van hun school in Oekraïne, heeft ze ervoor gekozen om haar kinderen naar de Riga 74th Secondary School te laten gaan, zodat zij afstand konden nemen van de oorlog en ook met andere dingen bezig konden zijn.

“Een aantal lessen werd in het Russisch gegeven en dat was voor hen makkelijker te volgen, maar de onderwerpen die in het Lets werden behandeld, vertaalden we 's avonds thuis in het Oekraïens.”

In Oekraïne nam Natālija deel aan de onderwijspilot “New Ukrainian School”. Dit project voor de onderbouw van de basisschool ging vier jaar geleden van start.

“In dit programma, deels geënt op vergelijkbare programma's in Finland en de VS, maken spelen en spelletjes deel uit van het lesaanbod en wordt onderlinge communicatie bevorderd. Hierdoor hebben kinderen meer mogelijkheden om hun ideeën te uiten en dat komt hun algemene ontwikkeling ten goede. Het basisidee is dat het niet gaat om dingen uit je hoofd te leren, maar om zelfstandig denken te stimuleren. In de toekomst zal dit systeem ook in de bovenbouw van het basisonderwijs worden toegepast en verder worden ontwikkeld voor het voortgezet onderwijs. Het systeem is radicaal veranderd, van de inrichting van de klaslokalen tot aan het lesaanbod, de leermiddelen en de onderwijsmethoden. Voor de groepen in de onderbouw is er een ontspanningsruimte met speelgoed, een rustige ruimte (voor zover mogelijk), waar een kind kan blijven als het om een of andere reden niet aan de les kan deelnemen.”

Natālija geeft aan dat in zo'n ontspannen sfeer, en dat geldt met name voor de onderbouw, kinderen vrijer leren, niet bang zijn of zich schamen als ze iets niet weten of als ze fouten maken, en dat bij deze nieuwe methode kinderen evengoed old school leren. Leerkrachten kunnen zelf bepalen welke lesprogramma's, boeken en hulpmiddelen ze willen gebruiken. Zij kunnen hun lesmethoden baseren op hun didactische kennis, maar er ook voor kiezen om meer risico's en verantwoordelijkheid te nemen met een creatief lesaanbod, dat afwijkt van het formele curriculum in het traditionele onderwijssysteem. Dat betekent dat zowel het lesaanbod als de lesmaterialen voor kinderen in dezelfde leeftijdscategorie per school en per groep kunnen verschillen. Leerkrachten die op een New School willen werken, moeten hiervoor een speciale opleiding volgen, aanschuiven bij lessen van collega's die al op deze manier werken en stage lopen bij onderwijsinstellingen waar dit systeem al is ingevoerd.

Daarnaast worden er nog cursussen gegeven voor verbetering van de beroepskwalificatie. Deze vinden plaats in de vorm van een seminar en zijn voor alle leerkrachten gratis of tegen een kleine bijdrage toegankelijk. Leerkrachten kunnen aan verschillende seminars deelnemen, maar er ook voor kiezen om zich te verdiepen in een specifiek onderwerp. Vanwege de pandemie wordt competentieleren voor volwassen nu op afstand gegeven. Leerkrachten moeten eens in de vijf jaar met goed gevolg een examen afleggen om hun kwalificatie als leerkracht te behouden. Daarnaast moeten zij ook deelnemen aan seminars om de vereisen studiepunten te behalen. Als zij aan alle eisen hebben voldaan krijgen zij een getuigschrift. Als niet aan alle eisen is voldaan, moeten zij stappen ondernemen om hun vakkennis alsnog verder aan te vullen.

Door de oorlog is dit systeem natuurlijk volledig ondermijnd en Natālija's realiteit is nu het onderwijssysteem in Letland. Tijdens ons gesprek gaf ze aan dat ze vurig hoopte op een uitnodiging van haar vorige werkgever om haar taken weer op te pakken. Ook gaf ze aan haar taalvaardigheid in het Lets naar een hoger niveau te willen tillen.

“We hebben eerst de basiscursus van 120 uur, maar we zijn met Sandra Kivleniece bezig met het opzetten van een cursus voor gevorderden. De lessen zijn interessant, goed te volgen en praktisch, maar in het begin was het Lets echt een vreemde taal en leek het wel Chinees. Mijn dochters pikken de taal echter snel en gemakkelijk op. Zij corrigeren me nu al als ik iets verkeerd verwoord.”

Een van de andere cursisten is Oksana Zhamlikhanova, moeder van twee dochters en muziekdocent in het voortgezet onderwijs. Haar jongste dochter zit in groep drie in Letland en de oudste in groep 11. Oksana heeft twee studies gedaan en is naast pianist en muziekdocent ook accountant en auditor. De afgelopen 13 jaar heeft ze als accountant gewerkt, maar toen ze vanuit Kiev naar Letland kwam, keerde ze weer terug naar het muziekonderwijs, omdat daar makkelijker werk te vinden was.

“Toen ik Letland kwam, werd ik gevraagd om als onderwijsassistent te werken op een tweetalige school in Riga, vooral om de inclusie van Oekraïense kinderen op school te bevorderen. Daarna kreeg ik een baan aangeboden op een school, waar alleen in het Lets les wordt gegeven. Ik zag daar wel mogelijkheden in. Ik heb Letse taalcursussen gedaan en aangezien ik maar weinig lessen hoef te geven, kan ik die goed voorbereiden en hulpmiddelen in het Lets gebruiken. Ik denk dat mijn kennis mij van pas zal komen bij het begeleiden van muziekgroepen en ensembles. Ik ga ook als pianoleraar aan de slag op een muziekschool.”

Oksana is alleen maar positief over de Letse taalcursussen van het LLA.

“Sandra is een goede docent, waardoor het een stuk gemakkelijker wordt om Lets te leren. Bij haar hoef je niet bang te zijn dat je iets niet goed zegt en durf je ook fouten te maken. Maar als je de taal sneller wilt leren, moet je ook zelf twee tot drie uur per dag aan de slag met het ondersteunende lesmateriaal. Trouwens, de lesmaterialen van het LLA zijn zeer goed, heel toegankelijk en ook nog eens gratis. Er is echt alles aan gedaan om mensen Lets te leren.”

Maar het is niet allemaal even gemakkelijk. De toekomstplannen van de oudste dochter liggen in duigen. Het was de bedoeling dat ze dit jaar eindexamen zou doen en naar de universiteit zou gaan. Maar nu zit ze in Letland op school, in totaal andere omstandigheden en zit ze pas in groep 11 (in Oekraïne gaan kinderen vanaf hun zesde naar school) en is de toekomst onzeker. De jongste dochter is nog niet helemaal gesetteld in haar nieuwe woonomgeving en heeft nog niet echt vrienden gemaakt. Een half jaar is voorbijgegaan, maar de oorlog is zeker geen verleden tijd.

Oksana wil in ieder geval twee jaar in Letland blijven, zodat ze opnieuw structuur en stabiliteit in haar leven kan aanbrengen. Daarna ziet ze wel weer verder. Ze hoopt dat ze in het najaar met het taalonderwijs op A2-niveau kan beginnen om daarna gekwalificeerd als docent zelfstandig aan de slag te kunnen gaan. “Voor elk land geldt dat je de taal van het land moet spreken”, is haar stellige overtuiging.

Het is haar opgevallen dat Letten weinig lijken te hechten aan hun taal en identiteit en dat op een aantal scholen les wordt gegeven in het Russisch. “Toen ik in Riga aankwam, begreep ik niet waar ik terecht was gekomen - de Letse taal leek zo afwezig... Pas tijdens het “Brainstorm-concert” merkte ik dat er wel degelijk een Letse gemeenschap is en dat er een nationale saamhorigheid is die mensen onderling bindt.”

Login (6)

Wil je een andere taal?

Dit document is beschikbaar in meerdere talen. Kies de taal hieronder.
Switch Language

Want to write a blog post ?

Don't hesitate to do so! Click the link below and start posting a new article!

Laatste discussies

Wat staat er in de jobomschrijving van de centrumcoördinator?

'It's lonely at the top' voor de directeur van een centrum voor volwasseneducatie. Dat gevoel staat nergens beschreven in vacatures.
Dit is een oproep van om jobomschrijvingen te delen én een uitnodiging om het over het gevoel van eenzaamheid, of andere gevoelens, aan de top van een organisatie te hebben.

Meer

EPALE Discussie: Wat kunnen we doen om de volwasseneneducatie beter te maken voor mensen met een beperking?

In juni richt EPALE de schijnwerpers op hoe mensen met een beperking kunnen bijleren. We horen graag van jou hoe we volwasseneneducatie voor mensen met een beperking kunnen verbeteren. De schriftelijke discussie (in het Engels) zal plaatsvinden op 8 juni om 14 uur (CEST).
Meer