Blog
Blog

Een excellente lesgever ziet zijn cursisten graag, maar daagt hen ook uit!

Kris Van den Branden illustreert hoe onderwijs mensen maximaal tot duurzaam leren kan brengen.

Visual interview Kris Van den Branden

Wat zijn de grootste uitdagingen voor het onderwijs in de 21ste eeuw? Welke competenties moeten mensen vandaag hebben om helemaal mee te kunnen in onze maatschappij? Wat is effectief onderwijs? Op de Netwerkdag van Ligo, centra voor basiseducatie op 19 maart 2021 illustreerde Kris Van den Branden hoe onderwijs mensen maximaal tot duurzaam leren kan brengen.

Kris Van den Branden is hoogleraar taalkunde en lerarenopleider aan de Faculteit Letteren van de KU Leuven. Hij is academisch promotor van het Centrum voor Taal en Onderwijs en auteur van het boek ‘Onderwijs voor de 21ste eeuw’.

In 2008 zei Tony Wagner, een Amerikaanse onderwijsexpert, het al: “De wereld is drastisch veranderd, de school niet. En dus falen onze scholen niet. Ze zijn gewoon hopeloos verouderd.”  Wagner verwees vooral naar de digitalisering en globalisering. We maken nu gebruik van computers en apps en die 25 jaar geleden nog niet bestonden. We hadden nog geen smartphone, nu zijn we er quasi aan verslaafd en beïnvloedt moderne technologie onze manier van informatie zoeken, vriendschap sluiten, shoppen, enzovoort. De wereld is bovendien superdivers geworden. Er zijn migratiestromen, vluchtelingenstromen, open EU-grenzen. De wereld is meertalig en multicultureel geworden.

Om mee te kunnen in deze sterk veranderde en veranderende wereld moeten we andere dingen leren dan 25 jaar geleden. Wagner beweerde indertijd dat scholen niet genoeg mee evolueerden met de tijd. Het eerste wat scholen volgens hem moesten doen, is werken aan de competenties die nodig zijn om mee te kunnen met de evoluties op onze arbeidsmarkt, in onze hoogtechnologische maatschappij, maar ook – en niet minder belangrijk -  om persoonlijk gelukkig te kunnen worden. Want als je deze zogenaamde ‘sleutelcompetenties’ niet hebt verworven, dan dreig je daarvan het slachtoffer te worden.

 

Wat zijn die sleutelcompetenties precies? En wat betekenen ze voor Ligo, centra voor basiseducatie?

  • Taal en informatie doen werken
    • Een heel belangrijke sleutelcompetentie - zeker voor cursisten in de basiseducatie - is taal en informatie doen werken. Vooral door het internet worden wij overspoeld door informatie die  niet altijd even betrouwbaar is en waar we dus vaardig en kritisch mee moeten omgaan. We leven in de eeuw van het fake news en desinformatie. Communicatie staat voorop in onze maatschappij. We moeten informatie daarom niet alleen kunnen verwerken, we moeten ook duidelijk kunnen formuleren en mondig zijn, bijvoorbeeld als er bij een aankoop iets misgaat. Voor heel veel volwassenen is dat vandaag een probleem: 15 op 100 mensen zijn laaggeletterd. Ze kunnen moeilijk omgaan met die informatie die over hen wordt uitgegoten. Ze begrijpen de teksten en informatie niet genoeg om echt mee te zijn. Daardoor hebben ze significant meer kans om werkloos te worden, meer kans om minder lang te leven, en er is zelfs een hogere kans om in de criminaliteit te belanden.
  • Kennis doen werken
    • Kennis is nog altijd belangrijk en zal dat altijd blijven, maar mensen moeten die kennis ook kunnen toepassen om relevante problemen op te lossen. Ze moeten kunnen nadenken over de situaties en problemen waar zij mee te maken hebben. Alleen dan kunnen ze weloverwogen beslissingen nemen, en zich niet zomaar laten meeslepen door eender wat er op, bijvoorbeeld, sociale media wordt voorgeschoteld.
  • Creatief denken
    • Vooral op de arbeidsmarkt, maar niet alleen daar, is dit een heel belangrijke factor geworden. Creatief denken gaat heel breed. Het gaat namelijk over anders naar de dingen kunnen kijken, creatieve oplossingen vinden. Een mooi voorbeeld daarvan is de trap die muziek maakt om mensen aan te zetten om niet de lift of roltrap te nemen en zo meer te bewegen. Wie creatief kan denken, kan ook beter omgaan met allerlei kleine en grote problemen van het leven. Bv. in het huishouden, als je daar maar één oplossing hebt, en die werkt niet, dan zit je vast. Het is dus belangrijk om anders te kunnen denken.
  • Sociale relaties doen werken
    • Door de globalisering worden wij steeds meer geconfronteerd met mensen die van ons verschillen. En laat ons eerlijk zijn: dat is niet altijd gemakkelijk. Je moet het nieuws maar opzetten en je hoort dat er overal conflicten zijn omdat mensen het moeilijk hebben om samen te leven met mensen die van hen verschillen, bijvoorbeeld qua religie. Toch is het nodig om samen te kunnen werken en te leven met mensen die niet hetzelfde zijn als jezelf.
  • Moderne technologie doen werken
    • We leven in een wereld waar we het bestaan van nieuwe technologieën niet meer kunnen wegdenken. We moeten ook meer digitaal doen. We kunnen zelfs geen afspraak meer maken met het gemeentehuis of onze familie zonder computer. Een op 5 mensen heeft het hier moeilijk mee. De basiseducatie heeft daarin een heel belangrijke taak.
  • Verandering doen werken
    • De wereld verandert supersnel, we moeten ons snel kunnen aanpassen aan nieuwe situaties, feiten, wendingen en informatie. Een idee voor lesgevers is om in de loop van een cursus opzettelijk ook eens iets te veranderen zodat de cursisten leren ermee om te gaan en die eerste paniekaanval leren beheersen. Het gaat over kunnen nadenken over de vraag: ‘hoe gaan we dat aanpakken?’
  • Je eigen leer-kracht doen werken: levenslang leren, leren leren
    • Mensen moeten leren hun leerproces in eigen handen te nemen en zichzelf te helpen als ze aan het leren zijn. Voor de basiseducatie is het vooral belangrijk dat het geloof dat iemand kan leren gaaf gehouden wordt. Vaak is dat immers al geschaad: veel cursisten hebben teleurstellingen gehad, ze hebben het geloof in eigen kunnen verloren. Je moet als lesgever uitstralen dat je in hen gelooft. Het geloof dat ze in zichzelf hebben, ontlenen ze heel erg aan wat de lesgever uitstraalt. Als je in hen gelooft, gaan zij dat uiteindelijk ook zelf geloven.
  • Je eigen leven doen werken
    • Deze superbelangrijke competentie gaat over je eigen levensroute kunnen uitstippelen, eigen keuzes kunnen maken, zonder dat je daar altijd afhankelijk van anderen voor wordt. Als lesgever kan je je cursisten ondersteuning geven, maar op een bepaald moment moet je deze steun uitschakelen zodat ze zelfstandig verder kunnen.
  • Het leven op deze planeet doen werken
    • Dit gaat over burgerschapscompetenties ontwikkelen zodat we het voortbestaan van onze planeet kunnen garanderen.

 

EPALE: Hoe kan je ervoor zorgen dat alle sleutelcompetenties geïntegreerd zijn in bijvoorbeeld een cursus of in het curriculum?

Kris Van den Branden: Daarvoor moet je niet echt nieuwe cursussen maken. ‘Geïntegreerd’ is hier een heel belangrijk woord. Ik geef een voorbeeld van een activiteit in een centrum basiseducatie waar dit heel goed gelukt is. Het gaat over een basiscursus NT2. De lesgever vroeg aan haar cursisten om samen met haar boodschappen te doen. Daarvoor moesten ze eerst naar de bankautomaat om geld af te halen. Daarna ging het langs de bakker om een brood te halen, een middeltje tegen hoofdpijn bij de apotheker en onderweg moest er nog een postkaartje voor Moederdag gepost worden. De cursisten moesten zelf de instructies lezen om naar die winkels te geraken, natuurlijk onder begeleiding, en moesten samen de boodschappen tot een goed einde brengen. Die ‘les’ was een groot succes, de cursisten vonden het fantastisch. Waarom? Ze hadden allemaal de behoefte om al die gewone dingen beter te kunnen, maar ook omdat die les zo goed was opgebouwd, want natuurlijk ging dit niet zonder een degelijke voorbereiding. De cursisten hadden in de klas eerst al geoefend op het lezen en interpreteren van route-instructies. Dat gaat dus over ‘links, rechts, rechtdoor, ga naar daar’, enzovoort. De begeleider hielp daarbij. Daarna keken ze samen op Google Streetview hoe een van de cursisten naar school kwam. Hij kwam te voet naar school. Samen met hem gingen ze de route na op Google Streetview en verwoordde de lesgever de route.  Daarna waren ze klaar om de straat op te gaan. Ze kregen kaartjes met instructies. Daar moesten ze al eerst samen over overleggen. Dan gingen ze naar de bankautomaat. Voor een van de vrouwen was het de eerste keer dat ze dat deed. Samen met de lesgever bekeken ze dat. Dan volgde de bakker, de apotheek, enzovoort. In kleine groepjes hadden ze de dialoog voor in de apotheek al geoefend. Onderweg kwamen er ook spontane gesprekken over bijvoorbeeld een huis dat te koop stond en andere kleine dingen die ze tegenkwamen. Terug in de klas volgde een nabespreking met de lesgever. Wat ging goed, wat ging minder goed? Wat was moeilijk?  De cursisten hadden het gevoel dat ze veel taal hadden geleerd, maar ook nog veel andere dingen.

Welke sleutelcompetenties kwamen hier bij te pas? Nieuwe technologie: Google Streetview, de bankautomaat. Samenwerken natuurlijk. Inspelen op veranderingen: de bakker vroeg hen bijvoorbeeld iets waar ze niet op voorbereid waren. Dit was een echt authentieke les - opgehangen aan taken die deze cursisten ook in het echte leven nodig hebben - en daardoor was het voor de lesgever gemakkelijker om veel sleutelcompetenties erin te vervatten. Dat is precies de manier waarop ik denk dat het best kan gebeuren.

Komt dit overeen met de resultaten van onderzoek naar succesvol effectief duurzaam onderwijs?

Onderzoek leert ons inderdaad dat werken met zinvolle inhouden loont. Je verpakt de inhoud wel best in kleine pakketjes van haalbare uitdagingen. Want het mag echt uitdagend zijn, dus niet te gemakkelijk. Maar die uitdaging moet wel haalbaar blijven, met ondersteuning van lesgever en andere cursisten. De lerenden moeten gemotiveerd worden actief te leren en zelf met de leerstof aan de slag te gaan. Herhaling is belangrijk. Sommige dingen mogen herhaaldelijk terugkomen, alleen zo kan je leren en kunnen dingen inslijten. Er moeten kansen zijn om verbindingen te maken tussen theorie en praktijk, abstract en concreet. De cursisten moeten ook van elkaar leren, niet alleen van de lesgever. Je lessen worden krachtiger als je gebruik maakt van verschillende werk- en groeperingsvormen. Heel belangrijk voor de basiseducatie is een veilig klimaat waar de cursist fouten mag maken. Fouten maken is zelfs typisch voor een leerproces. Durf ook te differentiëren tussen je cursisten en werk op maat, geef feedback, ondersteuning en begeleiding. Laat daarna iedereen nadenken over zijn eigen leerproces. Je merkt dat veel van deze dingen in praktijk werden gebracht in het voorbeeld dat ik eerder gaf.

Wat ik hier heel zeker nog aan wil toevoegen: het is niet het systeem, maar de lesgevers die het ‘m doen. De lesgever of begeleider maakt het ultieme verschil! De kwaliteit van een school of centrum kan niet hoger zijn dan de kwaliteit van al haar leerkrachten samen. Dit wordt ook gestaafd door het Measures of Effective Teaching onderzoek gesponsord door de Bill en Melinda Gates Foundation. Ze onderzochten de eigenschappen van excellente lesgevers die er jaar na jaar in slaagden om te zorgen voor hoge leerwinst bij hun leerlingen.

En? Wat doen ze anders, beter, bewuster dan de andere?

Het antwoord kan gevonden worden in de 7 C’s. Ook John Hattie in Visible Learning for Teachers spreekt hierover. Het gaat over 7 werkwoorden die met de letter C beginnen (in het Engels).

Excellente lesgevers geven hun cursisten het gevoel dat ze echt om hen geven (CARE). Ze willen begrijpen hoe de cursisten over bepaalde dingen denken en hechten veel belang aan hun welbevinden. Maar: er moet een balans tussen CARE en CHALLENGE. Je moet je cursisten graag zien, maar hen uitdagen is zeker zo belangrijk. De andere C’s zijn: CLARIFY (dingen helder uitleggen), CAPTIVATE (de aandacht van cursisten trekken), CONFER (in interactie gaan met cursisten), CONSOLIDATE (evalueren of cursisten mee zijn), CONTROL (het klasmanagement goed regisseren) (afbeelding slide). Geen enkele lesgever past deze 7 C’s altijd allemaal even goed toe. Dat kan ook niet, we zijn allemaal maar mensen met onze goede en slechte dagen. Soms zijn de cursisten ook niet op hun best. Maar excellente lesgevers zijn zich wel altijd bewust van dit lijstje en proberen het goed te doen.

7 C's van Hattie

Hoe ziet u de rol van evaluatie in het leerproces?

De afgelopen jaren is de kijk op het belang van evaluatie erg veranderd. Vroeger draaide het vooral om een punt te zetten achter het onderwijs. Je ging naar de les, je moest iets leren, je deed een test waarop je werd geëvalueerd en dan kreeg je een punt, letterlijk. Dat bezorgde sommige leerlingen kopzorgen, want ze waren ‘gebuisd’, maar daar stopte het. Evaluatie zou echter niet voor kopzorgen mogen zorgen, maar juist voor betere zorg. Ik geef je een banaal voorbeeld uit mijn eigen leven. Ik moest eens witte saus maken voor bloemkool, maar eigenlijk kon ik dat niet. Toch was er geen weg naast, ik moest het doen en stond dus voor een hele uitdaging. Mijn vrouw zou het me wel kunnen uitleggen. Dus dat ging van: boter smelten, bloem erbij, geheel laten verkruimelen, melk erbij, roeren en minstens een minuutje laten doorkoken en nog wat peper, zout en nootmuskaat erbij. De eerste keer roerde ik af en toe. Maar mijn vrouw zei: “Blijven roeren!” En  het lukte! Wat is er hier nu gebeurd? Mijn vrouw heeft mij geobserveerd terwijl ik midden in mijn leerproces zat. Ze heeft mij geëvalueerd en heeft mij daarop feedback gegeven. Goede feedback komt idealiter op het moment dat iemand een taak echt uitvoert, want dan kan die cursist er onmiddellijk iets mee doen. Met haar feedback op het juiste ogenblik zorgde mijn vrouw dat ik geen klonters had in mijn saus en dat ik complimenten van mijn dochters kreeg. Ook alle volgende keren had ik geen klonters in mijn saus. Dat kan evaluatie betekenen voor leren in de 21ste eeuw, ten minste als je evaluatie gebruikt om het leerproces van cursist vooruit te helpen ‘met 1 stapje’, en dat is genoeg!

Al de elementen die je hiervoor opnoemt in het achterhoofd houden en toepassen, is wel heel veel voor een lesgever, niet?

Daarom benadruk ik ook altijd dat je dit alles niet alleen kunt doen. Het is teveel voor één lesgever, maar niet voor een team, niet voor een hele school of centrum. We moeten afstappen van excellente lesgevers en meer evolueren naar excellente teams. Daar is al veel onderzoek naar gedaan. Teams kunnen meer dan individuele lesgevers, zelfs als die excellent zijn. Het is niet de individuele lesgever die het verschil maakt, maar het team van lesgevers en begeleiders of ondersteuners. Je bent als lesgever of begeleider een deskundige, je bent professioneel, maar je hebt je sterktes en zwaktes. Je kan niet alles even goed doen. Gelukkig kunnen je collega’s je daarin aanvullen. Misschien heb je wel veel ideeën maar kan iemand anders dat beter digitaal omzetten? Jij kan misschien heel goed om met je cursisten, maar andere zijn beter in verschillende werkvormen? Lesgevers moeten gaan spieken bij elkaar, letterlijk! Ga eens kijken bij je collega’s, niet om elkaar te controleren, maar om een informele babbel te hebben, gewoon om te weten hoe het is gelopen en te zien hoe je de dingen nog beter kan doen. Het blijkt dat lesgevers daar echt heel veel van leren, ook van co-teaching. Ook voor de centra basiseducatie is dat heel belangrijk en ik zou lesgevers aanraden alle kansen die ze daarvoor krijgen te grijpen.

Je spreekt ook over duurzaam onderwijs en lesgeven. Wat bedoel je daar precies mee?

In elke cursus die je geeft moet je zoveel mogelijk sleutelcompetenties integreren. In duurzaam onderwijs ontwikkelen de cursisten competenties die cruciaal zijn voor hun toekomstig leven. De energie die zij in hun leerproces steken, moet zo maximaal mogelijk worden omgezet in hun ontwikkeling, wat op haar beurt weer nieuwe energie opwekt om weer iets nieuws te leren. Er mag ook geen energie of talent verloren gaan. Elke cursist, ongeacht zijn of haar achtergrond, verdient het beste.

Meer lezen in het EPALE-zine over de nieuwe agogische visie van Ligo.

Login (0)

Want to write a blog post ?

Don't hesitate to do so! Click the link below and start posting a new article!

Laatste discussies

Wat staat er in de jobomschrijving van de centrumcoördinator?

'It's lonely at the top' voor de directeur van een centrum voor volwasseneducatie. Dat gevoel staat nergens beschreven in vacatures.
Dit is een oproep van om jobomschrijvingen te delen én een uitnodiging om het over het gevoel van eenzaamheid, of andere gevoelens, aan de top van een organisatie te hebben.

Meer

EPALE Discussie: Wat kunnen we doen om de volwasseneneducatie beter te maken voor mensen met een beperking?

In juni richt EPALE de schijnwerpers op hoe mensen met een beperking kunnen bijleren. We horen graag van jou hoe we volwasseneneducatie voor mensen met een beperking kunnen verbeteren. De schriftelijke discussie (in het Engels) zal plaatsvinden op 8 juni om 14 uur (CEST).
Meer